Meertalig leren in de klas
In de klas leren kinderen veel door vragen te stellen, dingen uit te proberen en door samen te werken. Door hierbij thuistalen te (laten) gebruiken, help je kinderen om zich welkom te voelen én beter te leren.
🏫 Voor wie?
Deze pagina is bedoeld voor alle professionals in het basisonderwijs die werken met meertalige leerlingen op school, zoals:
Leerkrachten
Schoolleiders
Reken- en techniekcoördinatoren
Taalcoördinatoren
Intern begeleiders / school counselors
Onderwijsassistenten
Waarom een meertalige aanpak?
Ontsluiten en verdiepen van vakinhoudelijke kennis
Door de thuistaal te benutten, bied je kinderen die het Nederlands nog niet goed beheersen, de kans om instructies in het Nederlands beter te begrijpen. Daarnaast kunnen ze hun vakinhoudelijke kennis en begrip verdiepen doordat ze gebruik kunnen maken van wat ze in hun thuistaal hebben geleerd.
Leren over taal en van het Nederlands
Gebruiken van de thuistaal en het Nederlands stimuleert reflectie op taal. Door talen te vergelijken, ontdekken kinderen hoe taal werkt. Deze meta-talige kennis kan de ontwikkeling van het Nederlands ondersteunen.
Een inclusieve klas
Taal speelt een belangrijke rol in hoe je je voelt en wie je bent. Door de thuistalen een plek te geven in de klas, voelen meertalige kinderen zich gezien en gewaardeerd.
Wat vind je hier?
- Activiteiten en materialen om thuistalen en het Nederlands samen in de klas te gebruiken
- Antwoorden op veelgestelde vragen
Tips voor gebruik
- De activiteiten zijn voor kinderen van 6 tot 13 jaar, maar kunnen aangepast worden voor andere leeftijden.
- Begin klein: kies één activiteit en probeer die rustig uit.
- Stimuleer samenwerking: laat leerlingen met dezelfde thuistaal overleggen en de antwoorden in het Nederlands opschrijven.
Veelgestelde vragen
Hoe voorkom ik chaos als alle leerlingen hun thuistalen gaan gebruiken?
Deze zorg horen we vaker. Het toestaan en benutten van thuistalen betekent niet dat alle talen ook op elk moment door elkaar gebruikt worden. Als leerkracht houd jij de regie over wanneer en hoe talen worden ingezet.
Het helpt om samen met je klas duidelijke taalafspraken te maken. Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat:
- in klassikale gesprekken er zoveel mogelijk Nederlands wordt gebruikt
- leerlingen tijdens groepswerk hun thuistaal mogen gebruik van thuistalen meer aanmoedigen
Deze aanpak hebben wij op verschillende nieuwkomersscholen geobserveerd, waar dit vaak goed werkt.
Zoek je hulp bij het maken van taalafspraken voor jouw klas? Â
Klik hier voor de activiteit Spring Samen. Daar vind je voorbeelden van afspraken die je kunt maken over taalgebruik en omgangsvormen in de klas. Â
Hoe weet ik of leerlingen roddelen of niet met de lesstof bezig zijn als ik hen niet kan verstaan?
De kans is groot dat je de thuistalen van je leerlingen niet spreekt. Er zijn immers veel verschillende talen, en de samenstelling van je klas verandert van jaar tot jaar.
Wanneer leerlingen hun thuistaal gebruiken en je hen niet verstaat, kan dat het gevoel geven dat je de controle verliest. Leerkrachten die werken met een meertalige aanpak en leerlingen bijvoorbeeld in groepswerk in hun thuistaal laten overleggen, geven echter aan dat je aan toon, mimiek en werkhouding vaak goed kunt zien of leerlingen met de lesstof bezig zijn, net zoals bij leerlingen die Nederlands spreken.
Je hoeft dus niet alles letterlijk te verstaan om zicht te houden op het leerproces.
Je kunt klein beginnen, bijvoorbeeld door leerlingen een begrip te laten vertalen of kort in de thuistaal te laten overleggen. Zo ervaar je zelf op welke momenten het belangrijk is dat je alles verstaat, en wanneer dat minder nodig is. Op basis daarvan kun je duidelijke afspraken maken over wanneer de thuistaal wel of niet gebruikt wordt.
Een veilig pedagogisch klimaat en heldere taalafspraken in de klas zijn daarbij belangrijke voorwaarden voor succes.
Kijk voor ideeën ook bij de vraag hieronder.
Bronnen:
Foster, N., Auger, N. & Van Avermaet, P. (2023). Multilingual tasks as a springboard for transversal practice: teachers’ decisions and dilemmas in a Functional Multilingual Learning approach. Language and Education, 37(1), 22-38.
Decristan, J., Bertram, V., Reitenbach, V., Schneider, K. M., & Rauch, D. P. (2024). Translanguaging in today’s multilingual classes–Students’ perspectives of classroom management and classroom climate. Teaching and Teacher Education, 139, 104437.
Van Beuningen, C., & Polišenská, D. (2020). Meertaligheid in de klas: Bied ruimte aan alle talige kennis van leerlingen. In S. Dönszelmann, C. van Beuningen, A. Kaal, & R. de Graaff (Eds.), Handboek vreemdetalendidactiek: Verktrekpunten, vaaardigheden, vakinhoud (pp. 353-367). Uitgeverij Coutinho.
Kan ik werken met een meertalige aanpak als ik de talen van mijn leerlingen niet spreek?
Ja, dat kan. Ook als je de talen van je leerlingen niet spreekt, kun je hen actief aanmoedigen om al hun talen in te zetten.
Uit ons onderzoek blijkt dat translanguaging verschillende vormen kan aannemen. Eén daarvan is om alle zintuigen (te) gebruiken: je kunt bijvoorbeeld werken met tekeningen, uitbeelden of tastbare materialen. Zo ondersteun je begrip, ook zonder dat je alle talen begrijpt.
Een andere vorm is meertalig samenwerken. Leerlingen kunnen in hun thuistaal overleggen en daarna de conclusie in het Nederlands formuleren.
Wil je precies weten wat er gezegd wordt? Dan kun je een taalbemiddelaar inzetten. Dat kan een leerling zijn (eventueel uit een andere klas), een onderwijsassistent of een ouder/verzorger.
Bronnen:
Moraru, M., Bakker, A., Akkerman, S., Zenger, L., Smit, J., & Blom, E. (2025). Translanguaging within and across learning settings: A systematic review focused on multilingual children with a migration background engaged in content learning. Review of Education, 13(2), Article e70069.
Stolte, L.E., Smit, J., Bakker, A., Blom, E. (2024, March 26-27). Thuistalen inzetten in de rekenles [Conference presentation]. LOWAN-PO studiedagen, Nieuwegein, the Netherlands.
Wat doe ik als één leerling een taal spreekt die niemand anders in de klas spreekt?
Je wilt natuurlijk voorkomen dat een leerling zich geĂŻsoleerd voelt. Ook wanneer een taal uniek blijkt binnen de klas, zijn er vaak mogelijkheden om ondersteuning te bieden.
Op basis van onze ervaringen in het nieuwkomersonderwijs geven we de volgende praktische tips:
- Zoek uit of deze leerling ook nog andere talen spreekt. Misschien spreekt de leerling naast de thuistaal ook een andere taal. Bijvoorbeeld: een Arabisch-sprekende leerling kan ook Turks spreken, en er is een Turks-sprekende klasgenoot beschikbaar.
- Kijk schoolbreed. Als er in de eigen klas geen taalgenoot is, kan er in een andere klas misschien wel een leerling zijn die dezelfde taal spreekt.
- Maak gebruik van vertaalapps. Een laptop of tablet met bijvoorbeeld Google Translate of DeepL kan ondersteuning bieden. De leerling kan hier zelfstandig mee werken, al is in het begin vaak wel begeleiding nodig.
Ik heb heel weinig tijd. Wat kan ik doen wat weinig tijd vraagt, maar toch iets oplevert?
Ook met weinig tijd zijn er laagdrempelige manieren om thuistalen in te zetten in de klas. Deze activiteiten sluiten aan bij de zeven vormen van translanguaging en helpen leerlingen om hun thuistalen te gebruiken bij het leren.
- Vertalen: Laat leerlingen tijdens een opdracht zelfstandig vertalingen opzoeken met een vertaalapp. Gebruik hiervoor een laptop of tablet.
- Meertalig samenwerken: Geef leerlingen de opdracht om een (reken)onderwerp thuis met ouders/verzorgers te bespreken in hun thuistaal. Als ze het onderwerp al in hun thuistaal hebben besproken, kunnen ze de les daarna misschien makkelijker volgen in het Nederlands.
- Vertalen/Talen vergelijken: Laat leerlingen een tekst, woordenlijst of denkstappen vertalen naar hun thuistalen. Ze kunnen hierbij gebruikmaken van een vertaalapp, ouders/verzorgers of vrienden.
- Een meertalig landschap maken: Inventariseer de vertalingen op een poster en laat deze een tijdje hangen als geheugensteuntje. Op een school waarmee we samenwerkten, werden deze posters rondom een thema gemaakt waaraan de klas een paar weken aan werkte.
Op deze manier kun je met kleine inspanningen al een effectieve meertalige aanpak in je klas realiseren.
Bron:
Moraru, M., Bakker, A., Akkerman, S., Zenger, L., Smit, J., & Blom, E. (2025). Translanguaging within and across learning settings: A systematic review focused on multilingual children with a migration background engaged in content learning. Review of Education, 13(2), https://doi.org/10.1002/rev3.70069.
Hoe kan ik ouders meer betrekken bij het onderwijs van mijn meertalige leerlingen?
Uit onderzoek blijkt dat we ouders het beste kunnen adviseren om op een informele, speelse manier de stof te behandelen met hun kind.
Enkele voorbeelden:
- Rekenen met dagelijkse situaties: bespreek boodschappen en oefen rekenen met geld.
- Spelenderwijs oefenen: tel de ogen van twee dobbelstenen bij een spelletje.
- Praktische opdrachten: bak samen een taart en weeg de ingrediënten af.
Een speelse aanpak zorgt er namelijk voor dat rekenplezier ontstaat, wat belangrijk is voor het ontwikkelen van rekenvaardigheden.
Ouders begeleiden hun kind het beste in de taal die zij zelf goed spreken, maar het mixen van talen tijdens de activiteit is ook prima.
Voor concrete activiteiten die ouders thuis met hun kind kunnen uitvoeren, kijk op de thuiscontextpagina.
Bronnen:
Eason, S. H., & Ramani, G. B. (2020). Parent-child math talk about fractions during formal learning and guided play activities. Child Development, 91(2), 546-562.
Verhoeven, E., van Witteloostuijn, M., Oudgenoeg-Paz, O., & Blom, E. (2025). To mix or not to mix? The relation between parental language mixing and bilingual children’s language outcomes. Bilingualism: Language and Cognition, 1-15.
Wat moet ik doen als mijn leerlingen hun thuistalen zelf niet willen gebruiken?
Het kan voorkomen dat leerlingen aangeven dat ze liever alles in het Nederlands doen. Het helpt om hierover in gesprek te gaan.
- Een leerling die vloeiend Nederlands spreekt, voelt misschien minder de noodzaak om een thuistaal te gebruiken.
- Een leerling die het Nederlands nog aan het leren is, kan misschien niet anders dan ook andere talen gebruiken.
- Sommige leerlingen willen hun thuistaal soms wel gebruiken en soms niet, afhankelijk van de situatie.
Door samen te bespreken wanneer en met welk doel thuistalen nuttig zijn, kun je afspraken maken die voor iedereen prettig en leerzaam zijn.
Bronnen:
Albaugh, C. L., & Poarch, G. J. (2025). Sure, I can, but do I want to? Exploring attitudes toward home language inclusion in the classroom: Perspectives of primary school students. Journal of Multilingual and Multicultural Development, 1-19.
Stolte, L., Bakker, A., Smit, J., & Blom, E. (2025, September 26). Translanguaging in primary school: Voices of newcomer students [conference presentation]. Building a new life in a new language, Utrecht, The Netherlands.